Thursday, 25 March 2010
Is het proces belangrijker dan de inhoud?
Sunday, 21 March 2010
Hoe een provincie ons kan helpen aan groene energie

Zonne-energie onder de grond
Ieder jaar verbrandt de mensheid naar schatting 100.000 jaar aan fossiele zonne-energie. Want dat is in feite wat fossiele brandstoffen zijn: koolwaterstofverbindingen, ontstaan uit resten van plantaardig leven van tussen de 359 en 0,8 miljoen jaar geleden.
Het gevolg van deze verbranding is gekend. CO2 dat opgeslagen zit in deze brandstoffen komt ‘en masse’ vrij. Dat zorgt ervoor dat de koolzuurgasconcentratie in onze atmosfeer jaarlijks stijgt, en dat leidt tot klimaatsverandering.
Fossiele brandstoffen spelen echter een rol in alle mogelijke geledingen van onze economie. Transport, energie, voedselproductie, consumptiegoederen, kunststoffen, medische toepassingen, … er is geen enkel facet van onze economie denkbaar, of er komt petroleum, of oliegerelateerde producten bij te pas.
Het is ontzettend zonde om dit waardevol materiaal te verbranden.
Zonne-energie boven de grond
Door fotosynthese in het bladgroen wordt koostofdioxide omgezet in koolhydraten, en dat leidt tot een metabolisme dat niet destructief is maar constructief. Denk aan plantengroei. Denk aan waterzuivering. Denk aan voedselproductie en uitwisseling met andere soorten.
Maar mede dankzij de evolutie op het internet (2.0), de modelfunctie van het internet voor de ontwikkeling van een intelligent electricteitsnetwerk (the smart grid in de V.S), en de toenemende ‘do-it-yourself-mentaliteit’ in consumentenmarkten, wint het idee voor een gedecentraliseerde productie en distributie meer en meer terrein.
(Google transition towns)
Een interessant gevolg daarvan is dat enkel de energie geproduceerd en gedistribueerd wordt die nodig is, op de plaats waar ze nodig is, op de manier zoals ze plaatselijk het meest gebruik maakt van beschikbare bronnen zoals zee, zon of wind, voor-en-door de mensen die ze nodig heeft, enzovoort.
Een ander vooruitzicht is dat vanaf 2012 elektrische wagens onze wegen zullen veroveren. Ons bewustzijn van wat een ‘kilowattuur’ is, zal sowieso groter worden. Dan wordt dat zoiets als de benzineprijs aan de pomp.
Hoe maken we dit soort transitie succesvol?
Ook moeten mensen hun dak gaan zien als een nuttige ruimte. In het verleden zijn slimme marketingstrategieën erin geslaagd om van een badkamer een welness-ruimte te maken, en om van een tuin een volwaardig bijkomende ‘living room’ te maken.
Waarom de Provincie?
De provincie kan energie-communities mogelijk maken, (voor)finaniering mogelijk maken, product-service-modellen ontwikkelen en aanbieden, publiek-private samenwerkingen aangaan, enz…
Van Iphone tot Brompton tot Kai-Mook: de reclame zit in het product.

Te vaak wordt er verwezen naar de Iphone. En inderdaad, de Iphone is een heel mooi voorbeeld van hoe de marketing ingebouwd is in het product, en hoe reeds in de ontwikkelingsfase is nagedacht over hoe mensen hun enthousiasme erover kunnen delen. Het zit in het ontwerp, de totaalervaring, de batch-value, de product-servicemodellen. Apple is een religie. Later hierover meer.
Maar goed, die Iphone werkt in haar voorbeeldfunctie ook vaak heel verlammend, gezien niet iedere organisatie actief is in zo'n veelzijdige industrie.
Guillaume Van der Stighelen heeft het in zijn boek "Maak van je merk een held" ook vaak over de vouwfiets Brompton. Hij verklaart het succes aan de hand van een samenspel van drie dingen. Het is een unieke fiets waar mensen graag wat meer voor betalen. Bovendien is ieder vouwmoment een productdemonstratie in de juiste context (in het verkeer), en dit alles speelt een relevante rol in een grote maatschappelijke evolutie (onze zoektocht naar slimme mobiliteitsoplossingen)
Schitterend voorbeeld van nieuwe marketing. De reclame ben je niet gaan kopen in de media. De reclame is deel van de productervaring.
Ik zou graag nog een mooi (en Belgisch!) voorbeeld geven:
Een groot marketingsucces van het afgelopen jaar in België was ongetwijfeld het Kai-Mook-effect op de dierentuin. De manier waarop de geboorte van een olifantje de harten en betrokkenheid van het grote publiek heeft veroverd, is van een ongeziene omvang.
Zonder klassieke media. Hier is geen campagne 'verzonnen'. Er is gezocht naar een interessant, bijzonder en emotioneel momentum in het product. In de dierentuin zelf. En dat werd gevonden in de zwangerschap van een olifant. De barrière tussen product en boodschap werd opgeheven. Er is niet alleen een nooit gezien bezoekersaantal (zowel in de Zoo als online tijdens de bevalling) gerealiseerd, maar ook is de juiste perceptie neergezet: De dierentuin is niet enkel een attractiepark, maar heeft ook een belangrijke taak in natuurbescherming en zoölogisch onderzoek.
Een interessante evolutie in reclame is die van fictie naar non-fictie
Een campagne die opvalt, is tegenwoordig iets dat echt gebeurt. Het product en de boodschap kennen geen onderscheid meer.
We kunnen er veel van leren. De campagnestructuur was een cascade van verschillende momenten. Naarmate deze op elkaar volgden, werd het succes aan de kassa groter.
De zwangerschap > De naamkeuze > Het geboorteweekend > De babyborrel > Het K-groeiplan (internationaal kweekprogramma) …
• 8500 mensen hebben tijdens de zwangerschap naamsuggesties gedaan voor de boorling.
• 41.000 mensen hebben zich ingeschreven voor website updates
• 850.000 unieke bezoekers hebben de website van Kai-Mook bezocht
• 560.000 mensen hebben de geboorte live gevolgd online.
• 22.000 blogpost zijn verschenen op het internet over Kai-Mook (vooral op fotoblogs)
• Het bezoekersaantal tijdens 2009 lag 33% hoger danhet jaar ervoor (ofwel 250.000 bezoekers meer)


